ontslag

November 2018 | 5 tips Vanhier Accountants | Adviseurs

Vanhier Accountants │ Adviseurs heeft 5 handige ondernemerstips voor u op een rijtje gezet. Doe hier uw voordeel mee!

Tip 1 : Forse herziening ontslagrecht

Het kabinet is het eens over een forse herziening van het arbeidsrecht. Het ontslagrecht wordt versoepeld, maar er komt ook een mogelijkheid tot een langer tijdelijk contract en een langere proeftijd. Ook de regels inzake een transitievergoeding bij ontslag worden herzien.

De plannen zijn onderdeel van het regeerakkoord. Binnen het kabinet is er nu ook overeenstemming over de concrete vormgeving van de maatregelen. Deze moeten nog wel door het parlement worden goedgekeurd.

De versoepeling van het ontslagrecht betekent dat voortaan redelijke gronden die elk op zich onvoldoende reden zijn voor ontslag, bij elkaar geteld toch voldoende kunnen zijn voor ontslag. Er is dan sprake van een zogeheten cumulatiegrond. Nu kan dat alleen nog op basis van één ontslaggrond.

De transitievergoeding bij ontslag is afhankelijk van het aantal dienstjaren en van de hoogte van het salaris. De vergoeding kan in 2018 maximaal € 79.000 bedragen of één jaarsalaris als dat meer is. Volgend jaar wordt dit maximaal € 81.000 of één jaarsalaris. Onder de nieuwe regeling wordt de transitievergoeding al vanaf het begin van de arbeidsovereenkomst opgebouwd en niet pas na twee jaar zoals nu. Daarentegen is er niet langer sprake van een stijging van de transitievergoeding bij een dienstverband van tien jaar of langer. Als de ontbinding wordt toegekend op basis van de eerder genoemde cumulatiegrond, kan de transitievergoeding door de rechter met maximaal 50% worden verhoogd.

Het wordt voor werkgevers verder mogelijk om pas na drie jaar een vast contract aan te bieden, in plaats van de huidige twee jaar. Dit moet een stimulans zijn om meer werknemers een vast contract aan te bieden.

Een wijziging vindt ook plaats inzake de proeftijd, die momenteel nog maximaal twee maanden bedraagt bij een arbeidscontract van twee jaar of langer dan wel een arbeidscontract voor onbepaalde tijd. Deze wordt bij een eerste contract verlengd naar vijf maanden, als de werkgever een contract voor onbepaalde tijd aanbiedt. Bij een eerste contract voor meer dan twee jaar, kan de proeftijd maximaal drie maanden bedragen.
Heeft u vragen over de wijzigingen in het arbeidsrecht, neem dan contact met ons op.

Tip 2: Aanvraag WBSO uiterlijk 30 november

Als u in aanmerking wilt komen voor afdrachtvermindering Speur- en Ontwikkelingskosten per 1 januari 2019, moet u dat uiterlijk 30 november aanvragen. Zelfstandig ondernemers moeten dit vóór 1 januari 2019 doen. De tarieven voor 2019 zijn ongewijzigd ten opzichte van 2018. In 2020 wordt het budget verhoogd.

De Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk is een belangrijke fiscale regeling voor innovatieve projecten voor zowel grote als kleine ondernemers. Alle kosten voor research & development (R&D) die u als ondernemer maakt, komen in aanmerking voor afdrachtvermindering. De verwachting is dat ruim 65% van het mkb in 2019 gebruik zal maken van de regeling.

De aanvraag moet ingediend worden bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (rvo.nl). Deze moet één maand voor de start van de werkzaamheden bij de RVO binnen zijn. Als u per 1 januari 2019 gebruik wilt maken van de regeling, moet u dat dus uiterlijk 30 november a.s. aanvragen.

De tarieven in 2018
Tarief eerste schijf     32%
Tarief eerste schijf starters     40%
Grens eerste schijf     € 350.000
Tarief tweede schijf     14%
Tot een bedrag van € 350.000 aan R&D-kosten is de hoogte van de afdrachtvermindering 32% (voor starters 40%). Over het bedrag boven de € 350.000 is het percentage 14%.

In 2020 wordt de tweede schijf verhoogd van 14% naar 16%. Door het niet afschaffen van de dividendbelasting is voor de WBSO structureel een extra budget van € 76 miljoen beschikbaar gekomen. Op dit moment vindt onderzoek plaats naar mogelijke verbeteringen in de budgetsystematiek. De verwachting is dat de resultaten daarvan eind deze maand bekend zijn. Dan wordt ook besloten hoe het overgebleven budget uit voorgaande jaren zal worden ingezet.

Tip 3: Top 10 Eindejaartips 2018
Welke fiscale maatregelen kunt u als ondernemer dit jaar nog treffen die voordelig voor u kunnen uitpakken? Hoe kunt u nu al slim inspelen op wijzigingen die vanaf 2019 gaan gelden? Tien praktische tips.

Let op! Bepaalde plannen van het kabinet moeten nog door de Tweede en Eerste Kamer worden goedgekeurd.

1. Speel in op belastingverlagingen en aftrekbeperkingen
Vanaf 2019 gaan de tarieven in de inkomstenbelasting omlaag, net als de jaren erna. De meeste aftrekposten kunt u de komende jaren echter tegen een lager tarief in aftrek brengen. Ook het Vpb-tarief voor de eerste € 200.000 winst daalt volgend jaar en wel van 20 naar 19%. Overleg daarom met uw adviseur of het voor u lucratief is om opbrengsten uit te stellen en kosten naar voren te halen. Wellicht is het ook interessant voor u om, waar mogelijk, aftrekposten zoals giften of zorgkosten nog dit jaar te voldoen.

2. Dga: los excessieve lening af via dividenduitkering
Excessief lenen bij de bv wordt vanaf 2022 belast. Het is daarom verstandig leningen bij uw bv boven € 500.000 voor die tijd af te lossen. Doe dit zo mogelijk vóór 2020 vanwege het stijgende tarief van box 2. Een lening ten behoeve van de eigen woning valt niet onder de nieuwe belastingheffing.

3. Gebruik uw vrije ruimte over 2018
Benut ook dit jaar uw vrije ruimte van 1,2% in de werkkostenregeling volledig. Keer nog resterende vrije ruimte bijvoorbeeld uit als kerstgratificatie, bonus of organiseer er een leuk personeelsfeest van. Onthoud dat tot een bedrag van € 2.400 per werknemer de fiscus in beginsel niet moeilijk doet.

4. Lage btw? Factureer vooruit!
Het lage btw-tarief stijgt op 1 januari 2019 van 6% naar 9%. Over al in rekening gebrachte en betaalde goederen en diensten die pas in 2019 geleverd worden, wordt echter niet nageheven. Levert u goederen en diensten tegen het lage btw-tarief, dan kunt u hier gebruik van maken.

5. Koop nog dit jaar een lijfrente
Koop nog dit jaar een lijfrente of stort op uw lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht en creëer daarmee een extra aftrekpost. Als u voldoet aan de voorwaarden voor aftrek, kunt u de premie aftrekken tegen maximaal 51,95%. Lijfrentes blijven ook de komende jaren gewoon aftrekbaar tegen het tabeltarief. Vanwege de daling van deze tarieven vanaf volgend jaar, is de uitkering in veel gevallen lager belast.
Zorg dat u de bedragen vóór 1 januari 2019 betaalt! Alleen dan kunt u deze nog in aftrek brengen in uw aangifte inkomstenbelasting 2018.

6. Plan uw investeringsaftrek
Maximeer uw investeringsaftrek door uw investeringen goed te plannen. De investeringsaftrek neemt voor grotere investeringen af naarmate het bedrag van uw investering toeneemt. Zo levert bijvoorbeeld een investering van € 100.000 in 2018 € 15.863 aan kleinschaligheidsinvesteringsaftrek op. Spreidt u de investering echter over 2018 en 2019 en investeert u dan ieder jaar € 50.000, dan levert dit € 28.000 aan kleinschaligheidsinvesteringsaftrek op.

7. Investeer nog dit jaar energiezuinig
Energiezuinige investeringen komen in aanmerking voor de energie-investeringsaftrek. Deze bedraagt dit jaar 54,5%, volgend jaar nog maar 45%. Pleeg energiezuinige investeringen daarom nog dit jaar. Het moment van het aangaan van de juridische verplichting is bepalend voor het moment waarop recht op de extra aftrek bestaat.

8. Koop met korting pensioen in eigen beheer af
De dga heeft nog tot en met 2019 de tijd om te kiezen wat hij wenst te gaan doen met zijn reeds in eigen beheer opgebouwde pensioen. Er zijn drie mogelijkheden waaronder afkopen. Afkopen met korting kan nog tot en met 2019. Deze bedraagt 25% in 2018 en nog maar 19,5% in 2019. Ook omzetten in een oudedagsverplichting kan in 2018 en 2019. Zet u om in een oudedagsverplichting en wilt u alsnog afkopen? Dan is dit in de jaren tot en met 2019 nog mogelijk met korting en zonder revisierente.

9. Vraag een voorlopige verliesverrekening aan
Heeft u in 2017 winst behaald, maar sluit u 2018 vermoedelijk af met een verlies? Dien dan na uw aangifte inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting 2018 een verzoek in om een voorlopige verliesverrekening. U kunt dan alvast 80% van het vermoedelijke verlies verrekenen met de winst van 2017. Een eventuele afwijking van de aangifte wordt bij de definitieve aanslag hersteld.

10. Schaf dure elektrische auto nog dit jaar aan
Vanaf 2019 geldt voor elektrische auto’s die duurder zijn dan € 50.000 een bijtelling van 22%, voor zover de cataloguswaarde meer dan € 50.000 bedraagt. Koop een duurdere elektrische auto daarom vóór eind 2018. De lage bijtelling van 4% voor deze auto houdt u dan nog maximaal vijf jaren.
Wilt u weten of u gebruik kunt maken van een van deze of andere eindejaarstips? Neem dan contact met ons op, wij kijken graag met u naar uw persoonlijke mogelijkheden.

Tip 4: Verbod privégebruik bestelauto? Op schrift!

Voor een bestelauto kan uw personeel de bekende bijtelling voorkomen door privégebruik te verbieden. U moet dan wel voldoen aan de overige voorwaarden, denk bijvoorbeeld aan schriftelijke vastlegging, anders bent u alsnog de klos.

Voor het privégebruik van een zakelijke auto geldt de bekende bijtelling van nu 22% en 4%. Die bijtelling geldt ook voor bestelauto’s.

Voor bestelauto’s zijn er meerdere manieren om de bijtelling te voorkomen. Net als voor personenauto’s kan dat door de auto in het jaar niet meer dan 500 kilometer privé te gebruiken. Een andere manier is het privégebruik door uw werknemers te verbieden.

Bij een dergelijk verbod gelden wel aanvullende eisen. Zo moet het verbod schriftelijk zijn vastgelegd en moet u dit bij de loonadministratie bewaren. Ook moet u het verbod controleren en passende sancties treffen bij overtreding van het verbod.

Dat deze eisen geen wassen neus zijn, merkte onlangs een hovenier. Van de drie bestelauto’s was van één auto geen bijtelling aangegeven. Volgens de hovenier omdat het de werknemer verboden was de auto privé te gebruiken.

De hovenier stelde dat het verbod ook schriftelijk was vastgelegd, maar hij kon dit niet aantonen. Het verbod was in ieder geval niet in de loonadministratie terug te vinden. Ook kon niet hard gemaakt worden dat de bestelauto niet meer dan 500 kilometer in het jaar was gebruikt.

Het kwam de hovenier op een naheffing te staan over een bedrag van € 10.508 per jaar, zijnde de bijtelling. De inspecteur ging vijf jaar terug, zodat de fiscale schade per saldo op ruim een halve ton uitkwam. De rechters in Arnhem lieten de naheffing in stand.
Heeft u vragen over het voorkomen van de bijtelling voor bestelauto’s, neem dan contact met ons op.

Tip 5 : Top 5 aftrekposten voor startende ondernemer
Startende ondernemers hebben vaak geen idee welke aftrekposten er allemaal voor ze zijn, zo blijkt uit onderzoek van de Belastingdienst. Daardoor laten ze veel geld liggen. Daarom de vijf belangrijkste aftrekposten voor u op een rij.

Ondernemers, dus ook starters, hebben recht op aftrekposten die de gewone werknemer niet heeft. De aftrekposten moet hij wel opnemen in de aangifte, anders vist hij achter het net. We laten de belangrijkste de revue passeren.

1. Autokosten
Ondernemers kunnen onder andere kosten van zakelijke autoritten aftrekken. Ook van het woon-werkverkeer. Die ritten moet men dan wel bijhouden. Kiest men voor een auto van de zaak, dan zijn deze kosten weer aftrekbaar, minus de bekende bijtelling vanwege privégebruik.

2. Computer
Als een ondernemer een computer gebruikt, en wie doet dat nu niet, kan hij ook die kosten aftrekken. De computer met dan wel ‘op de zaak’ gezet worden en er moet rekening worden gehouden met de bijtelling voor privégebruik.

3. Investeringsaftrek
Ook heeft de investerende ondernemer recht op investeringsaftrek. Dit betekent een extra aftrek, naast de aftrek van het investeringsmiddel zelf. De investeringaftrek is er voor kleinschalige investeringen, energiezuinige investeringen en milieuvriendelijke investeringen. De investering zelf mag niet ineens ten laste van de winst worden gebracht, maar jaarlijks in gedeeltes, via afschrijvingen.

4. Werkkamer
Soms heeft u als ondernemer recht op een aftrek in verband met een werkkamer thuis. Dit hangt af van de situatie. Ook is er een verschil in de fiscale behandeling van de werkkamer tussen huurders en kopers van een woning.

5. Btw
Ondernemers die zelf btw-belaste prestaties verrichten, kunnen de door hen betaalde btw weer aftrekken. Daarvoor is wel van belang dat de bonnen worden bewaard en dat een en ander goed wordt geadministreerd.

Bron: www.sra.nl

Mocht u vragen hebben naar aanleiding van deze tips dan kunt u contact met ons opnemen via info@vanhier.nl.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>