Oktober 2017 | 5 tips Vanhier accountants | adviseurs

Vanhier accountants │ adviseurs heeft 5 handige ondernemerstips voor u op een rijtje gezet. Doe hier uw
voordeel mee!

Tip 1:    Nieuwe plannen aankomend kabinet: een update
Nog voor het einde van oktober wordt er zéér waarschijnlijk een nieuwe kabinet aangesteld. De onderhandelingen tussen de beoogde regeringspartijen (VVD, CDA, D66 en ChristenUnie) zijn nagenoeg afgerond. Enkele wensen van het nieuwe kabinet liggen al op straat. Op donderdag 5 oktober jl. zijn er opnieuw maatregelen uitgelekt, zoals een verlaging van het vennootschapsbelasting-tarief en een lastenverlichting voor de ‘kleine’ werkgever. De belangrijkste belastingplannen voor de komende jaren hebben we voor u alvast op een rij gezet.

Let op! Onderstaand overzicht is met een klein voorbehoud, aangezien het aankomend regeerakkoord
nog niet openbaar is. Dat zal niet lang meer op zich laten wachten. Het regeerakkoord wordt mogelijk in de week van 9 oktober gepresenteerd. Ook is nog niet duidelijk per wanneer deze maatregelen zullen worden doorgevoerd.

Vennootschapsbelasting omlaag
Het nieuwe kabinet wil de vennootschapsbelasting fors verlagen. Voor winsten tot € 250.000,- gaat het vennootschapsbelastingtarief omlaag van 20% naar 16%. Het percentage van de tweede schijf (voor het meerdere boven de € 250.000,-) gaat van 25% naar 21%. Omdat deze verlaging de schatkist fors wat geld kost, zullen zeer waarschijnlijk enkele aftrekposten worden beperkt.

Minder lang loondoorbetaling bij ziekte
Voor kleine werkgevers is er een lastenverlichting in het verschiet. Zij hoeven straks het loon van een zieke werknemer niet meer twee jaar, maar één jaar door te betalen. Voor de loondoorbetalings-verplichting van het tweede jaar komt er een ‘verzekeringspot’, waar alle kleine werkgevers aan meebetalen.

Van vier naar twee belastingschijven
Het nieuwe kabinet wil het belastingstelsel flink vereenvoudigen. Twee van de vier belastingschijven
gaan verdwijnen. Het tarief in de eerste schijf gaat naar 37%. Bij een inkomen uit werk en woning van meer dan € 68.000,-, komt de tweede schijf in beeld met een belastingtarief van 49,5%. Het is de bedoeling dat dit nieuwe systeem ingaat per 2019, mits de Belastingdienst dit aankan.

Btw-verhoging en energieheffing
Voor niets gaat de zon op. Om deze vereenvoudiging van het belastingstelsel te bekostigen, overweegt het nieuwe kabinet een btw-verhoging en een hogere heffing op energie.

Hypotheekrenteaftrek versneld beperken
Op tafel ligt ook het versneld beperken van de hypotheekrenteaftrek. Tot 2041 zakt deze al jaarlijks met 0,5%-punt. In 2018 is de aftrek van de hypotheekrente die u betaalt voor uw eigen woning in de 4e belastingschijf (52%) bijvoorbeeld al beperkt tot 49,5% (2017: 50%). Het nieuwe kabinet wil de hypotheekrenteaftrek vanaf 2020 versneld afbouwen in vier stappen van 3%, zodat de aftrek in 2023 is beperkt tot 37%. Deze maatregel ligt politiek gevoelig, maar nu de rente heel laag is, is dit voor de onderhandelende partijen een reële optie.

Heffingsvrij vermogen omhoog
Tot slot ziet het ernaar uit dat het nieuwe kabinet het heffingsvrije vermogen van box 3 gaat verhogen van € 25.000,- naar € 30.000,- per persoon. Deze maatregel levert u, afhankelijk van de hoogte van uw vermogen, een belastingvoordeel op van € 60,- per jaar.

Tip 2:    Zonnebrand en tandpasta weer terug naar 21% btw
Met ingang van 1 januari 2018 wordt de definitie van het begrip ‘geneesmiddelen’ aangescherpt. Sommige zelfzorgproducten die sinds november 2016 onder het verlaagde tarief van 6% vallen, zoals bepaalde zonnebrandmiddelen en tandpasta’s, vallen per 1 januari 2018 weer onder het algemene btw-tarief van 21%.

In een arrest van 11 november 2016 bepaalde de Hoge Raad dat producten die op basis van hun presentatie als geneesmiddel een relatie hebben met de gezondheid, onder het verlaagde btw-tarief van 6% vallen. De gevolgen van deze uitspraak waren een gemis aan inkomsten voor de Nederlandse schatkist en rechtsonzekerheid. Het kabinet acht het onwenselijk dat deze producten, die vanuit het perspectief van de Geneesmiddelenwet niet als geneesmiddel in het handelsverkeer mogen worden gebracht, in aanmerking komen voor het verlaagde btw-tarief.

Daarom wordt de definitie van het begrip ‘geneesmiddelen’ aangescherpt. Het kabinet sluit hiervoor aan bij de definitie van geneesmiddel uit de Geneesmiddelenwet. Vanaf 2018 komen kort gezegd alleen geneesmiddelen waarvoor op basis van de Geneesmiddelenwet een handelsvergunning is verleend, in aanmerking voor het btw-tarief van 6%. Ook voorbehoedsmiddelen, infusievloeistoffen, nierdialyseconcentraten en inhalatiegassen bestemd voor geneeskundige doeleinden vallen onder dit verlaagde btw-tarief.

Let op! Producten die reeds ter beoordeling aan de Belastingdienst zijn voorgelegd, worden naar alle waarschijnlijkheid ook inhoudelijk getoetst aan het aangescherpte ‘geneesmiddelen’-begrip.

Tip 3:    Samenwerken: wel of niet recht op fiscale voordelen?
Als echtgenoten samen in een vof of maatschap een bedrijf uitoefenen, kunnen ze in beginsel ook allebei recht hebben op ondernemersfaciliteiten, zoals de zelfstandigenaftrek. Een dergelijke samenwerking moet dan wel ‘gebruikelijk’ zijn.

Voor een aantal ondernemersfaciliteiten, waarvan de zelfstandigenaftrek één van de belangrijkste is, geldt als eis dat de ondernemer minstens 1.225 uur per jaar in het bedrijf werkt én minstens de helft van de werkzame uren. Als echtgenoten of partners samen in een vof of maatschap zitten, mogen de gewerkte uren niet meer dan 70% ondersteunend van aard zijn, anders tellen deze niet mee. Deze eis vervalt als de samenwerking ook tussen onafhankelijke derden ‘gebruikelijk’ is.

Bij werkzaamheden van ondersteunende aard moeten we bijvoorbeeld denken aan het verzorgen van de administratie en aan schoonmaakwerkzaamheden. Het is dus van belang dat de kerntaken van de onderneming zoveel mogelijk door beide echtgenoten worden uitgevoerd. Genoemde eisen gelden voor alle vof’s en maatschappen tussen echtgenoten en partners, maar in de praktijk gaat de fiscus ervan uit dat deze samenwerkingsverbanden in bepaalde branches regelmatig voorkomen. In een Besluit uit 2001 wordt door de staatssecretaris aangegeven dat in de agrarische sector, de horeca en de detailhandel samenwerkingsverbanden tussen echtgenoten en partners gebruikelijk zijn. Anderzijds wordt er in het Besluit van uitgegaan dat samenwerkingsverbanden tussen artiesten, autorijschool-houders, beeldende kunstenaars, pedicures, schoonheidsspecialisten en sportschoolhouders eerder ongebruikelijk zijn. Vof’s en maatschappen tussen echtgenoten en partners binnen dergelijke beroepen zullen door de fiscus dus niet snel worden geaccepteerd.

Tip 4:    Aard van werkzaamheden bepaalt sectorindeling

De sector waarin uw bedrijf is ingedeeld, is bepalend voor de door u af te dragen sectorpremie. Deze is per sector nogal verschillend, waardoor het kan lonen in een andere sector ingedeeld te worden.

In welke sector u wordt ingedeeld, wordt bepaald door de aard van uw werkzaamheden en op basis van de functie die uw onderneming in het maatschappelijk verkeer vervult. De wijze waarop een onderneming zich naar buiten presenteert, bijvoorbeeld via de Gouden Gids, het internet en het Handelsregister, vormt in dit verband een aanwijzing. Dit blijkt uit rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep.

Wettelijk is bepaald dat, indien u als werkgever werkzaamheden verricht die tot verschillende sectoren behoren, u bent aangesloten bij de sector waartoe de werkzaamheden behoren waarvoor u in de regel het grootste bedrag aan loon betaalt. Is dit niet te bepalen omdat uw personeel voor diverse verschillende projecten wordt ingezet, dan is een sectorindeling op basis van de omzet ook mogelijk.

Belang aanleg- of bouwvergunning?

Inmiddels is achterhaald dat het vereiste van een verleende aanleg- of bouwvergunning bepaalt dat er automatisch sprake is van civieltechnische werkzaamheden die vallen onder de sector bouwbedrijf. Dit blijkt uit een recente uitspraak van het gerechtshof Den Bosch. In de uitspraak achtte het hof met name van belang dat het bedrijf dat in beroep was gegaan tegen de sectorindeling, verplicht was aangesloten bij het pensioenfonds voor de bouw. Dit naar aanleiding van een uitgevoerd onderzoek naar de verrichte activiteiten.

Tip: Ga na of uw sectorindeling nog wel overeenkomt met de sector waartoe uw bedrijf op basis van de verrichte activiteiten moet behoren. Een foute indeling kan zomaar een verschil maken van enkele procenten op uw loonsom.
Tip 5:    Belastingdienst maakt fout met te vergoeden belastingrente

Is door de Belastingdienst uw definitieve aanslag inkomstenbelasting over 2016 verminderd? Heeft u hierdoor recht op een bedrag aan te vergoeden belastingrente? Is het antwoord op beide vragen ‘ja’ dan heeft u mogelijk te weinig teruggekregen. Door een fout heeft de Belastingdienst het bedrag aan te vergoeden belastingrente, zoals vermeldt op de vermindering van de definitieve aanslag inkomstenbelasting 2016, nog niet verwerkt. Hierdoor heeft u mogelijk te weinig teruggekregen of is er te weinig verrekend ingeval van een nog openstaande belastingschuld. De Belastingdienst gaat deze fout zo snel mogelijk herstellen.

Bron: www.sra.nl

Mocht u vragen hebben naar aanleiding van deze tips, dan kunt u contact met ons opnemen via info@vanhier.nl.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>